DORDRECHT - Afgelopen zaterdagavond 16 mei openden de deuren van de Grote Kerk zich voor een prachtige muziekavond. Uit Rotterdam kwam de Laurenscantorij langs om hun jubileum met Dordrecht te vieren. In het eerste deel van het programma zong dit fantastische koor muziek van de Engelse componisten Herbert Howells, Henry Purcell en Charles Villiers Stanford. Op de menukaart stond als hoofdgerecht het intieme en indrukwekkende Requiem van Gabriël Fauré, opgediend door de Laurenscantorij met een speciaal hiervoor samengesteld scratchkoor. Artisitek leider en dirigent van het Laurenskoor is Wiecher Mandemaker, die eerst met zijn eigen koor, in het tweede deel aangevuld met  het scratchkoor een huzarenstukje opvoerde.


Wiecher Mandemaker (foto: Ryan de Vries)

​

Op de website van LaurensVocaal, waarvan de Cantorij een onderdeel is, wordt uitgelegd waarom ze bestaan:
“Zingen raakt de kern van het menselijk bestaan. Wie aandachtig luistert naar koormuziek, staat een moment stil in de drukte van alledag. Wij willen die ervaring delen, ook in de toekomst. Daarom gaan wij voor de beste kwaliteit. Gretig en ambitieus nemen wij je mee in de wereld van de mooiste koormuziek.”

Hayo Boerema is al sinds 2005 organist van de Grote of St. Laurenskerk van Rotterdam. Hiermee is hij de vaste begeleider van het koor. In mijn andere artikel deze week over het muziekprogramma in de Trinitatiskapel, ‘Chansons’, schreef ik al over die andere organist / muzikant Arjan Breukhoven. Beiden hebben vanwege hun verdiensten voor de Franse orgelkunst de prestigieuze Zilveren medaille ontvangen van de Société Académique d’Education et d’Encouragement ‘Arts, Sciences, Lettres’. We hebben in Dordrecht kennelijk een neusje voor bijzondere muzikanten…
Anneke Bliek (sopraan) en Jan Douwes (bariton) namen de solopartijen in het Requiem van Fauré voor hun rekening.


Foto van Ryan de Vries

Purcell
Als Henry Purcell op het programma staat, ja, dan kan ik daar niet omheen. Een maand geleden zong het Toonkunstkoor nog fraaie stukken van deze grote Engelse Barokcomponist tijdens een concert in de Trinitatiskapel. Fuse, de ‘huisband’ van het populaire televisieprogramma ‘Podium Klassiek’ heeft Purcell ook opgenomen in hun ‘Hall of Fuse’. Zij waren in maart nog in Kunstmin te horen met onder meer Purcell.
Afgelopen zaterdag werden twee koorstukken uitgevoerd, ‘Remember not, Lord our offences’ en ‘Hear my prayer o Lord’.
Henry Purcel (… )
werd maar zesendertig jaar. En toch heeft hij veel bijzondere muziek achtergelaten. Zo schreef hij ongeveer zestig anthems, muziekwerken met een religieuze tekst, bestemd voor de ochtend -of avonddienst van de Anglikaanse kerk. Hear my prayer o Lord is een intense smeekbede gebaseerd op de eerste regels van psalm 102:

Hear my prayer, O lord
and let my crying come unto Thee.

Heer, hoor mijn gebed,
laat mijn hulpgeroep tot u naderen.

(vertaling van Ida Gerhardt en Marie van der Zeyde)


Gabriel Fauré


​Gabriel Fauré
Terug naar Gabriel Fauré (1845 – 1924). In de paar jaar dat ik nu terugkijk op klassieke Dordtse muziekconcerten heb ik geregeld geschreven over deze bijzondere Franse componist. We kennen hem vooral van kamermuziek en liederen. Symfonieën en andere omvangrijke orkestwerken schreef hij niet. Zijn Requiem is misschien wel het bekendste en in ieder geval grootste muziekstuk. Ik wil ook nog ‘Cantique de Jean Racine’ noemen. Mijn advies: neem een (betaald) abonnement op een goede streamingsdienst en je kunt het allemaal terugluisteren.
Het kan zijn dat de dood van zijn vader in 1885 Fauré heeft geïnspireerd om in de zomer van 1887 zijn eerste schetsen voor een dodenmis te schrijven. Een half jaar nadat hij de eerste aanzet had gegeven overleed zijn moeder. Zelf zei Fauré hierover: “ik heb het nergens voor gecomponeerd… gewoon voor het plezier, als u me dat toelaat te zeggen!”
​Fauré werkte meer dan twintig jaar aan zijn Requiem. Het eerste stuk dat hij schreef was het ‘Libera Me’, in 1877. Kort daarna volgde ‘Un petit Requiem’ met 5 delen. Een tiental jaren later werd het in De Madeleine- kerk in Parijs uitgevoerd tijdens een begrafenisdienst van een welgestelde Parijzenaar. Fauré dirigeerde zelf.
​Uiteindelijk duurde het tot 1900 voor het Requiem zijn definitieve vorm kreeg.
​Ruim een half jaar geleden konden we ook al genieten van een mooie uitvoering van Fauré’s Requiem. Het jubilerende Orpheus Ensemble zong het toen in de Wilhelminakerk onder leiding van de ook al jubilerende Caecilia Boschman (zie mijn link).

​Net als ‘Ein Deutsches Requiem’ van Johannes Brahms is dit Requiem niet louter een treurmis. Fauré koos ervoor om vooral uit te gaan van het steunen en troosten van de overlevenden. Ook zaterdag spitsten mijn oren zich bij het Pie Jesu en In Paradisum. De voor mij onzichtbare sopraan Anneke Bliek vulde de hele kerk met haar prachtige versie. Ook de samenzang van koor en solist Jan Douwes in het Offertorium was groots en meeslepend.
Niemand minder dan de grote muziekpedagoge en componiste Nadia Boulanger schreef: “Het is niet alleen zijn grootste werk, maar het behoort bovendien tot de meest kostbare sieraden van de muziek. De sobere expressie van rouw wordt nergens teniet gedaan door effectbejag van de componist; geen spoor van twijfel ondermijnt zijn vaste geloof. Het werk straalt vertrouwen uit en een hoopvolle verwachting in een nieuwe toekomst”. Een andere collega noemde het “In één woord: de dood als een smartelijk, doch poëtisch wonder…”
Fauré overleed in 1924. Bij zijn uitvaart klonk zijn eigen Requiem.

Voor degene die het concert gemist heeft en er graag bij hadden willen zijn, op zaterdag 23 mei wordt het programma nog eens uitgevoerd in de Grote Kerk van Schiedam.​

​​

Gehoord in de Grote Kerk, op zaterdag 16 mei 2026:
Laurenscantorij en Scratch koor, met als hoofdprogramma:
Gabriel Fauré, Requiem
Dirigent: Wiecher Mandemaker
Solisten: Anneke Bliek (sopraan) en Jan Douwes (bariton)
Orgel: Hayo Boerema