College: “Een 25‑jarige in een jongerenwoning? Dat kan helemaal niet”
ZWIJNDRECHT - Het scenario dat jongeren die zich op hun 18e jaar inschrijven pas op hun 25e jaar een jongerenwoning vinden, is volgens het college van B&W onmogelijk. Dat stelt het college in de beantwoording van schriftelijke vragen van fractie Algemeen Belang Zwijndrecht (ABZ) over de toepassing van leeftijdscategorieën bij sociale huurwoningen.
Aanleiding voor de vragen was de zorg dat jongeren buiten de boot vallen zodra zij de leeftijdsgrens van 23 jaar passeren. Het college benadrukt echter dat het regionale woonruimteverdeelsysteem Woonkeus automatisch voorkomt dat iemand ouder dan 22 jaar een jongerenwoning krijgt aangeboden. “Het systeem voorkomt technisch dat iemand ouder dan 22 jaar een jongerenwoning krijgt aangeboden,” aldus het college. “Het jongerenlabel blijft daarmee beschikbaar voor de doelgroep waarvoor het bedoeld is.”
Jongeren die zich op hun 18e inschrijven, kunnen vijf jaar lang reageren op jongerenwoningen. Zodra zij 23 worden, past het systeem hun zoekprofiel automatisch aan. Vanaf dat moment zien zij alleen nog reguliere sociale huurwoningen, waarvoor geen leeftijdslabels gelden. De opgebouwde inschrijftijd blijft volledig behouden, aldus B&W. “Er ontstaat geen gat in kansen na de 23e verjaardag,” benadrukt het college. “De inschrijftijd blijft staan en geeft jongeren juist een betere uitgangspositie in het reguliere aanbod.”
Volgens het college ligt de kern van de ervaren problemen niet in het jongerenlabel, maar in de algemene schaarste op de woningmarkt:
- De gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning in Zwijndrecht bedraagt circa 9,3 jaar.
- De daadwerkelijke actieve zoektijd, de periode waarin iemand daadwerkelijk reageert op aangeboden woningen, ligt gemiddeld lager. De actieve zoektijd voor een sociale huurwoning in Zwijndrecht bedraagt circa 3,8 jaar.
Voor woningen die via loting worden toegewezen is dit gemiddeld circa 1,2 jaar, omdat hierbij niet de opgebouwde inschrijftijd maar toeval bepalend is voor de rangorde. “De kern van de druk ligt in de schaarste op de woningmarkt, niet in het jongerenlabel,” aldus het college. “We blijven regionaal en lokaal inzetten op woningbouw en doorstroming, want dáár ligt de structurele oplossing.”
Omdat het systeem volgens het college logisch en consistent werkt, ziet het college geen aanleiding om aanvullende maatregelen te treffen of de leeftijdssystematiek te wijzigen. Volgens B&W gaan jongerenwoningen immers naar jongeren, blijft inschrijftijd blijft behouden en verloopt de doorstroom automatisch.
Met de beantwoording hoopt het college duidelijkheid te bieden over de werking van het jongerenlabel en de positie van jongeren op de sociale huurmarkt. De beantwoordingsbrief staat op lijst van de ingekomen stukken voor de raadsvergadering van 16 april a.s.
Foto: ABZ